Weblog Over mij
Sfeerafbeelding: geitenfamilie in griekenland
 
geitenfamilie in griekenland
Mevrouw Artisjok (Sax)
op 5 november 2008

Deze column is eerder al verschenen in Sax Magazine (www.sax.nu)

Ik ben als oorspronkelijke Oldenzaler (een ‘stad’ – lees gehucht – ergens in het Oosten) gek op de grote mensen dingen. Zelfs nu ik in Enschede woon – stad van de zeden, delicten en vele putdeksels – voel ik nog steeds de drang naar meer. Meer mensen, meer vuiligheid en meer scheefliggende stoeptegels die me aanzetten tot onnodig vloekwerk.

En alleen al daarom besloot ik naar Amsterdam te gaan, de stad van liefde, roze lampen en emotieloze gangsters met bazooka’s in hun ruime kontzakken. In de trein van half 10 (die van 9 uur gemist, uiteraard) is het nogal rustig. Een klein zakenmannetje komt schrijdend langs (dat doen ze nou eenmaal), kijkt ons aan alsof we onkruid zijn en gaat onopvallend 2 rijen achter ons zitten. Pas wanneer ik merk dat ik even zit (…), merk ik hoe gespannen ik ben. Het zal je maar gebeuren: even gezellig naar Amsterdam met de trein en terugkomen in een zwarte zak met een kaartje aan je teen. Pas bij Deventer wordt het drukker en moeten we inschuiven voor een uitgedijde vrouw die waarschijnlijk geen overlijdensverzekering heeft omdat ze haar anders al hadden geholpen. Iemand zo laten doorleven is toch onmenselijk? Turend over mijn kwaliteitskrant voel ik mijn spieren weer aanspannen. Stel je voor dat ze me met haar vettige artisjokkenneus zomaar in mijn gezicht niest! Snel verstevig ik mijn dunne krant met een nog dunner exemplaar van de Spits en bouw deze als een soort tentdoek voor mijn gezicht en geslachtsdeel. Zekerheid boven alles.

Volledig verkrampt strompel ik op Amsterdam Centraal de trein uit, waar direct een nieuwe aanslag wordt gepleegd op mijn toch al gedeukte humeur: 1) Het regent. En 2) Voetgangers zijn blijkbaar onbelangrijk in deze tijd van het jaar, want de stenen zooi voor het station blijkt omgetoverd te zijn in een grote zandbak waarin enkele oranje mannetjes iets doen waarover ik zelfs in mijn grootste kindernachtmerries nooit heb gedroomd.

Afijn. Welkom in hartje Amsterdam, waar mensen zich offeren aan voorbij stormende trams, auto’s onder de voet gelopen worden door op hol geslagen zebrapad bewandelaars en waar – terwijl ik ’s morgens nog overtuigd was van het tegenovergestelde – meer lelijke mensen wonen dan in heel Twente.

Uiteindelijk even door een afgetakelde Kalverstraat gelopen, verdwaald in een achterbuurt waarbij de tuigbuurten van Enschede heuse villawijken lijken en een broodje gegeten bij Chefs, het nieuwste restaurant binnen de veilig muren van de Bijenkorf.

En zo blijkt weer: Eén bezoekje van 40 minuten aan het mooie Amsterdam is voldoende voor een ruim gevulde column. Nu snap ik eindelijk hoe Lange Frans dat ieder dag weer flikt!

Het plaatsen van commentaar bij dit artikel is helaas niet (meer) mogelijk
Eerder geschreven artikelen